naar top
Menu
Logo Print
Artikel - 18/12/2017

IS ONZE WETGEVING KLAAR VOOR DE ZELFRIJDENDE AUTO?

Wie is aansprakelijk bij schadegevallen: chauffeur of producent?

Een aantal jaren geleden leek het nog sciencefiction te zijn, maar heden ten dage zijn de zelfrijdende voertuigen zeer kortbij. De softwarefabrikanten menen dat deze voertuigen veel minder ongevallen met zich zullen meebrengen, maar toch mogen we niet vergeten dat ook de gebruikte software niet onfeilbaar is. De vraag die zich hierbij stelt, is te weten wie zal betalen in het geval dat er zich een schadegeval voordoet.


EEN EERSTE PRINCIPE:
WIE SCHADE TOEBRENGT, BETAALT!

Artikel 1382 van ons Burgerlijk Wetboek stelt dat hij die aan iemand schade toebrengt, ertoe gehouden is deze schade te vergoeden. Wanneer we het over 'voertuigen' hebben, dan denken we uiteraard eerst aan een toepassing van onze Verkeerswetgeving, maar toch kan artikel 1382 hier toegepast worden. We denken hier bijvoorbeeld aan een persoon die het portier van zijn wagen te wijd opendoet en een ander voertuig hierdoor schade toebrengt. Het 'slachtoffer' van deze schade kan een beroep doen op artikel 1382, maar dan moet hij wel de drie voorwaarden kunnen aantonen.

Hij moet aantonen dat deze persoon een fout maakte, dat hij schade leed en dat er een oorzakelijk verband is tussen de fout (het openen van het portier) en de opgelopen schade.

Wat nu bij zelfrijdende voertuigen?

Bijvoorbeeld: een ingebouwde sensor geeft aan wanneer u op een parking een ander geparkeerd voertuig nadert. U wordt door deze software gewaarschuwd voor een eventuele aanrijding. Gaat u daar niet op in en rijdt u toch door, waardoor u het andere voertuig aanrijdt, dan begaat u wel degelijk een fout. Het principe van de 'foutaansprakelijkheid' kan dan toegepast worden. In dit geval neemt u nog steeds zelf de beslissing of u met het voertuig doorrijdt of niet.

Heeft men daarentegen te maken met een volledig autonoom voertuig, dan liggen de zaken anders. Hier neemt de gebruiker van het zelfrijdende voertuig niet meer zelf de beslissing in verband met het rijden en manoeuvreren, en kan hij niets meer doen om het ongeval te voorkomen.


EEN TWEEDE PRINCIPE: EEN GEBREKKIGE ZAAK

Artikel 1384, lid 1 van ons Burgerlijk Wetboek, stelt dat men aansprakelijk is, niet alleen voor de schade die men veroorzaakt door zijn eigen daad, maar ook voor de schade die veroorzaakt wordt door de daad van personen voor wie men moet instaan, of van zaken die men onder zijn bewaring heeft. Er moet aangetoond worden dat er een 'gebrek' aan de zaak is, opdat de 'bewaarder' ervan aansprakelijk gesteld kan worden. De bewaarder is de persoon die in feite, voor eigen rekening, van de zaak gebruikmaakt. Hij heeft er de macht, bewaking en leiding over. Opgepast: de bewaarder hoeft zeker niet de eigenaar van de zaak te zijn.

Een zaak is 'gebrekkig' indien ze een 'abnormaal kenmerk' heeft dat haar ongeschikt maakt voor het gebruik waartoe ze in normale omstandigheden moet dienen. Wanneer we naar ons bovenstaande voorbeeld teruggaan, dan kan (op basis van het principe van artikel 1384) de gebruiker van het voertuig tegen de andere geparkeerde wagen aangebotst zijn vanwege het feit dat de sensor een gebrek vertoonde. In deze omstandigheden kan de gebruiker van het voertuig geen fout of onzorgvuldigheid verweten worden; hij vertrouwde op zijn parkeersensor! Software is een 'zaak' die wel degelijk onder toepassing van dit principe kan vallen!


DE WET BETREFFENDE DE 'PRODUCTAANSPRAKELIJKHEID'

Aangezien zaken op zich geen foutieve handelingen kunnen stellen, zal de aansprakelijkheid voor de schade die deze zaken veroorzaken, gelegd worden bij een persoon die een juridische band heeft met deze zaak. De wet inzake de 'productaansprakelijkheid' bepaalt dat de producent aansprakelijk is voor elke schade die veroorzaakt wordt door een gebrek in zijn product.

Gaan we nu dit wettelijke principe toepassen op ons voorbeeld, dan zou het kunnen gebeuren dat onze parkeersensor gebrekkig is op basis van de wet op de productaansprakelijkheid. Maar hier zijn niet alle rechtsgeleerden het over eens; de enen vinden dat software geen 'product' is, anderen dan weer wel. De toekomst zal uitwijzen wie gelijk zal krijgen.


'OVERMACHT' INROEPEN

'Overmacht' is een rechtvaardigingsgrond die aangehaald kan worden door diegene waarvan men aanneemt dat hij aansprakelijk is voor het schadegeval. Of nu deze overmacht toegepast kan worden in ons voorbeeld, zal beoordeeld moeten worden door de rechters in de praktijk. Heden stellen we vast dat wanneer 'overmacht' als rechtvaardigingsgrond wordt aangehaald, dit vaak niet door de rechters wordt aangenomen. Natuurlijk is hun uitspraak steeds afhankelijk van de juiste feiten en omstandigheden, en van de interpretatie die ze eraan geven.