naar top
Menu
Logo Print
15/06/2018 - BABETTE SOETAERT

TE WEINIG KOELMIDDEL
NIET DE ENIGE OORZAAK VAN WARME LUCHT

Soorten van en mogelijkheden bij aircodiagnose

Aircosystemen maken vandaag de dag deel uit van de standaarduitrusting van de auto. Binnenkort zullen er zelfs weinig tot geen auto's meer verkocht worden zonder airconditioning. Een efficiënt aircodiagnosemiddel is dan ook essentieel voor elke garage. Zonder dit hulpmiddel zou de interventie langer, gevaarlijk of zelfs onmogelijk kunnen zijn. Analyse van foutcodes en resultaatinterpretatie maken deel uit van het oplossen van problemen. Dit is alleen mogelijk met behulp van een efficiënt diagnosemiddel, een gestructureerde aanpak en passende ondersteuning.
Aircodiagnose

AIRCODIAGNOSE

Een klant komt binnen met de klacht dat er weinig tot geen koude lucht meer geblazen wordt door het aircosysteem van zijn wagen. Aan u om de juiste diagnose te stellen en het euvel te verhelpen. Maar hoe stelt u nu precies de juiste diagnose en wat zijn de verschillende mogelijkheden? 
In eerste instantie wordt er nogal dikwijls gedacht aan te weinig koelmiddel in het circuit. Jaarlijks kan er immers zo'n 15% uit het circuit verdwijnen door trillingen of torsie van de verschillende onderdelen. Het is dus normaal dat na enkele jaren wat gas verdwenen is en bijgevuld moet worden. Toch moet er ook rekening gehouden worden met andere oorzaken van de verminderde koeling. Een goed aircoserviceapparaat en een grondige kennis van de nodige diagnoseapparatuur kunnen u hier al heel wat wijzer maken.
 

Aircoserviceapparaat

AIrcoserviceapparaat Met behulp van het aircoserviceapparaat kan een aircoservicetechnicus te weten komen of er effectief een lek in het koelcircuit zit. Dit apparaat zorgt ervoor dat het aanwezige koelmiddel uit het aircosysteem wordt gezogen en wordt opgeslagen in een interne tank van het aircoserviceapparaat. Nadat het aanwezige gas verwijderd wordt, wordt het circuit gedurende twintig minuten vacuüm gezogen. De manometers geven daarbij een onderdruk van -1 bar aan. Indien er in het circuit een lek zou zijn, dan komt er in deze fase lucht in het koelcircuit en zullen de manometers stijgen.
 

Diagnoseapparatuur

De veralgemening en standaardisatie van automatisch gestuurde airconditioningsystemen vereisen het gebruik van een elektronisch diagnosehulpmiddel. Het systeem wordt namelijk beheerd door een elektronische computer die voor de besturing van alle elementen van het koelcircuit zorgt, maar ook de verspreiding van de airconditioning in de verschillende plaatsen van de autocabine controleert. Indien het aircosysteem mechanische of elektronische defecten vertoont, is men dus aangewezen op diagnoseapparatuur om de juiste vaststellingen te doen. Onder mechanische of elektronische defecten verstaat men o.a. de constatatie van te weinig of geen gasdruk in het koelcircuit, de uitval van bepaalde koelonderdelen (zoals de compressor) of een sensor die niet naar behoren werkt.
 

Benodigde gereedschappen

Om de juiste diagnose te stellen bij aircogerelateerde problemen, bestaan er heel wat diagnosetools die u een gerichte indicatie kunnen geven van waar en vooral wat het probleem inhoudt. Onderstaande 'hulpmiddelen' kunnen u al een heel stuk op weg helpen:

  • Aircoservicetoestel: het bekendste apparaat bij aircoservicetechnici is waarschijnlijk het aircoservicetoestel. Dit apparaat wordt vooral gebruikt om de correcte vullingsgraad van de airco-installatie na te kijken.
  • Manometerset: als de drukwaarden van het aircosysteem niet binnen de voorgeschreven limieten vallen, ligt de basis van het storingzoeken bij het meten van de aanzuigdruk en de hoge druk van het aircosysteem met behulp van een manometer. Hierbij moet altijd in gedachten worden gehouden dat de manometer in een drukloze toestand 0 moet aanwijzen.
  • Leidingtemperatuurmeter: deze meter wordt dikwijls gebruikt om de temperatuur aan de luchtuitstromen in het interieur te meten en geeft daarmee al een indicatie of de airco naar behoren werkt. Met deze meter kun je echter ook in detail diagnosticeren door de temperatuur van een stuk leiding op te meten. Deze methode vergt wel enige kennis van de servicetechnicus (zie druk- en temperatuurmeting).
  • Oil checker: dit apparaat stelt schade in een vroegtijdig stadium vast en voorkomt kostelijke reparaties. Het maakt het immers mogelijk om op voorhand te controleren of er iets aan het gebeuren is met de olie in het aircosysteem. Door de kleur van de olie te vergelijken met een gestandaardiseerde tabel, weet men of er moet worden ingegrepen of niet.
  • Dubbele diagnosethermometer: wordt gebruikt voor de diagnose van airco's met twee klimaatzones. Met deze meter kun je bijvoorbeeld tegelijkertijd de temperatuur aan de luchtuitstroomopeningen en van een stuk leiding meten. Bovendien kun je deze meter op de voorruit bevestigen, wat het diagnosticeren vergemakkelijkt.

Airco Diagnose

CORRECTE DIAGNOSE

Een correcte aircodiagnose kan men opdelen in drie specifieke categorieën:

  • Het aircosysteem koelt niet;
  • Het aircosysteem maakt een vreemd geluid;
  • Het aircosysteem produceert geuren.

Wanneer de airco een vreemd geluid maakt, gaat het meestal om een mechanisch probleem of een slechte bevestiging van componenten. Wanneer een aircosysteem geuren produceert, is dit meestal te wijten aan vervuiling door bacteriën en schimmels in de verdamperunit. Deze diagnoses behoeven geen ingewikkelde procedures en zijn voor de werkplaats dan ook snel op te lossen. Het is echter een ander verhaal wanneer het aircosysteem niet of onvoldoende koelt. Bij deze diagnose is er nood aan bepaalde gereedschappen en een basiskennis van de werking van het aircosysteem in het voertuig. In de praktijk gaat men hierbij dus snel over tot het leeghalen en opnieuw vullen van het aircosysteem met een aircoservicetoestel. Daarna kan men nakijken of het probleem verholpen is en of het dus te wijten was aan een lage vulhoeveelheid koudemiddel in de airco-installatie.
 

Druk- en temperatuurmeting

Daarnaast is het ook verstandig om het systeem te analyseren door middel van oververhitting en onderkoeling. Er wordt dan geen diagnose gesteld door het systeem leeg te halen en te vullen, maar door een druk- en temperatuurmeting waarvoor er een drukmeter en een leidingtemperatuurmeter nodig zijn. Deze werkwijze vergt enige systeemkennis, maar dit zou bekend moeten zijn bij elke servicetechnicus die in de garage airco-service uitvoert. Bij deze techniek komt het er dus op neer om een diagnose te stellen aan de hand van een combinatie van druk- en temperatuurmeting. Hierbij moet men bovendien ook rekening houden met met twee belangrijke gegevens: de oververhitting en de nakoeling. Onder oververhitting verstaat men het temperatuurverschil van het koudemiddel in het midden van de verdamper en aan het uiteinde van de verdamper. En de nakoeling heeft betrekking op het temperatuurverschil van het koudemiddel in het midden van de condensor en aan het einde van de condensor.
 

Opsporen van lekken

Ten slotte kan diagnose aan een airco-installatie ook het opsporen van lekken aan het systeem inhouden. Voor het opsporen van lekken kunnen de volgende technieken worden gebruikt.

  • Uv-lekdetectie: bij dit soort detectie wordt een speciaal, fluorescerend additief handmatig of via het aircoservicestation in de airco-installatie gespoten. Als de aircocomponenten dan worden verlicht met een uv-lamp en worden bekeken door een gele uv-veiligheidsbril, zou het lek helder verlicht moeten zijn. Aangezien het vullen van een lekkend R134a aircosysteem bij wet verboden is en het nieuwe R1234yf-koudemiddel behoorlijk duur is, kan de uv-lekdetectie preventief worden toegepast tijdens een aircoservice. Indien het systeem later zou lekken, kan er op dat moment meteen gebruik worden gemaakt van de uv-lamp en de veiligheidsbril. Gezien het verschil in samenstelling van de verschillende compressoroliën, is het ook noodzakelijk om het geschikte uv-additief voor de betreffende olie te gebruiken. Een belangrijke opmerking bij deze methode is dat er geen universele oplossingen zijn voor een uv-additief.
  • Druktest met stikstof: door het opbouwen van een overdruk met stikstof in het lege aircosysteem kan een drukval waargenomen worden indien er een lek is. Met behulp van een lekdetectievloeistof of zeepoplossing, die op de aircocomponenten kan worden aangebracht, kan men eveneens lekken opsporen.
  • Druktest met formeergas: deze test is dezelfde als de druktest met stikstof. Formeergas bestaat echter voor 95% uit stikstof en 5% uit waterstof en het is de waterstof die er hier voor zorgt dat er een elektronische lekzoeker toegepast kan worden.
  • Elektronische lekdetectie: een elektronische lekdetector of snuffelaar signaleert concentraties koudemiddel in de omgevingslucht. Dit apparaat kan door middel van omschakeling drie verschillende gassen detecteren.
  • Ultrasoonlekdetectie: het opsporen van lekkages kan ook met een ultrasoondetector. Dankzij een zogenaamd 'Internal Noise Control'-systeem wordt dit gereedschap niet beïnvloed door omgevingsgeluiden, waardoor het ook betrouwbaar is in lawaaierige omgevingen. 

 

WERKINGSPRINCIPE AIRCONDITIONING

Werkingsprincipe Airco

Bij een draaiende motor zuigt de compressor koud gasvormig koudemiddel uit de verdamper en stuwt het naar de condensor. Daarbij wordt het koudemiddel opgewarmd tot ca. 60-100 °C. Dit hete gas wordt vervolgens in de condensor afgekoeld aan de voorbijstromende buitenlucht. Als het van de druk afhankelijke dauwpunt wordt bereikt, condenseert het koudemiddel en wordt het weer vloeibaar.
Vervolgens gaat het vloeibare koudemiddel naar het vloeistofreservoir waar het wordt verzameld. Vandaar vloeit het koudemiddel voort naar het expansieventiel. Daar wordt het onder hoge druk in de verdamper gespoten, waar het vloeibare koudemiddel ontspant en verdampt. Het nu opnieuw volledig gasvormige koudemiddel wordt door de compressor opnieuw aangezogen en weer samengeperst.

Met dank aan:
Bart Kestermont (Waeco), Geert Janssens (WOW!), Yannick Schutten (Delphi)