Ouder wagenpark stuwt onafhankelijk onderhoud
Autocentra en onafhankelijke garages halen merknetwerk in
Het Belgische wagenpark wordt niet alleen ouder, maar ook technologisch complexer. Die combinatie zorgt voor meer onderhoudsbehoeften én hogere technische eisen aan garages. Uit onderzoek van GiPA in opdracht van Auto5 blijkt dat autocentra en onafhankelijke garages inmiddels samen 53% van alle garagebezoeken voor hun rekening nemen. Daarmee halen ze voor het eerst de merkgebonden garages in.

Wagenpark wordt ouder en onderhoudsgevoeliger
Een Belgische personenwagen is gemiddeld 10,4 jaar oud wanneer ook oldtimers worden meegerekend. Volgens het GiPA-onderzoek, waarin oldtimers buiten beschouwing blijven, bedraagt de gemiddelde leeftijd 8,45 jaar. Bovendien heeft ruim vier op de tien auto's in België meer dan 100.000 km op de teller.
Dat ouder wordende wagenpark genereert een aanzienlijke onderhoudsbehoefte. Een Belgische auto legt gemiddeld 13.120 km per jaar af en bezoekt 1,68 keer per jaar een garage. Omgerekend komt dat neer op ongeveer 10,2 miljoen garagebezoeken per jaar. In 61% van de gevallen gaat het om onderhoud.
Volgens Auto5 houden Belgische automobilisten hun wagen onder meer langer bij omdat de aankoop van een nieuwe auto een aanzienlijke investering vertegenwoordigt. Ook de onzekerheid over de keuze tussen elektrisch, hybride, benzine en diesel zou daarbij een rol spelen.
"Auto's zijn vandaag degelijker gebouwd en kunnen, mits goed onderhoud, veel langer mee. Veel Belgen kiezen er daarom voor om hun huidige wagen langer te houden", zegt Olivier Renard, woordvoerder van Auto5.
Onafhankelijk kanaal neemt de leiding
Voor de onafhankelijke aftermarket is vooral de verschuiving tussen de verschillende onderhoudskanalen opvallend. Autocentra en onafhankelijke garages zijn vandaag samen goed voor 53% van alle garagebezoeken. In 2019 was dat nog 42%.
Het aandeel van de merkgebonden garages evolueerde in de tegenovergestelde richting: van 58% in 2019 naar 47% vandaag. Daarmee trekt het onafhankelijke kanaal volgens het onderzoek voor het eerst meer garagebezoeken aan dan het merknetwerk.
De kostprijs blijkt een belangrijke verklaring voor die verschuiving. Van de automobilisten die hun merkgarage verlaten voor een alternatief, noemt 62% budgettaire redenen. Ook de nabijheid en flexibelere openingstijden spelen mee.
Technische complexiteit blijft toenemen
Een ouder wagenpark betekent echter niet noodzakelijk een technisch eenvoudiger wagenpark. Elektronica, sensoren, rijhulpsystemen en digitale voertuigsystemen stellen steeds hogere eisen aan diagnose, onderhoud en herstelling.
Voor onafhankelijke garages en autocentra betekent dat dat investeringen in diagnoseapparatuur, technische uitrusting en opleiding steeds belangrijker worden om een groeiend deel van het wagenpark te kunnen blijven bedienen.
Auto5 wijst erop dat autocentra de voorbije jaren sterk in dergelijke technische capaciteiten hebben geïnvesteerd. Daardoor kunnen volgens het bedrijf ook technologisch complexere voertuigen steeds vaker buiten het merknetwerk worden onderhouden en hersteld.
"Autocentra zoals Auto5 hebben de voorbije jaren sterk geïnvesteerd in technische uitrusting en de opleiding van medewerkers. Daardoor kunnen ze ook technisch complexere auto's onderhouden en herstellen", aldus Renard.
Ruim 10 miljoen garagebezoeken
De combinatie van een ouder wagenpark, een relatief hoog jaarlijks aantal werkplaatsbezoeken en toenemende voertuigcomplexiteit biedt daarmee kansen voor de onafhankelijke aftermarket. Tegelijk verhoogt ze de noodzaak om te blijven investeren in technische kennis, diagnosemogelijkheden en aangepaste werkplaatsuitrusting.
De cijfers zijn afkomstig uit de GiPA Driver Survey, die in februari 2026 online werd uitgevoerd bij 1.269 Belgische automobilisten. De steekproef is volgens GiPA representatief naar geslacht, leeftijd, beroep en woonplaats. Voor de gemiddelde leeftijd inclusief oldtimers verwijst Auto5 naar cijfers van Febiac.