Het nastreven van schadelijk ideaal
Column – Ferre Beyens, automotive-analist/journalist

In de autosector weet men intussen maar al te goed tot welke disasters een op schadelijk ideaal mikkende politiek kan leiden. "Dankzij" regelneverij, die in den beginne nog kan behagen als moreel verstandig, maar op langere termijn diepe wonden nalaat. Zie de industriële rampspoed als gevolg van een aanvankelijk, ethisch te verantwoorden maar finaal compleet absurde CO2-zerodoelstelling. Gejustificeerd zou je – in eerste opzicht – ook die, door de Vlaamse regering gesmede hervorming van de autokeuring kunnen noemen. Geen mens kan immers tegen een minder frequent te bezoeken, bekwamere en van overdreven administratie bevrijde automobielinspectie zijn. Afschaffing echter van de tweedehandskeuring?! Dat doet autotechnici en juristen in koor scanderen dat de Vlaamse regering daarmee gegarandeerd nieuw schadelijk ideaal nastreeft.
"Een toenemend aantal miskopen en veel juridisch gebekvecht zullen de occasiemarkt nefast uitvallen"
Hoewel de berichtgeving het anders suggereerde, betreft het slechts een eerste fase van hervormingen. GOCA Vlaanderen, de sectorfederatie voor autokeuring en rijbewijsexaminering, benadrukt immers dat het (voorlopig) gaat over een eerste principiële goedkeuring van het ontwerp van Besluit van de Vlaamse regering over die hervorming van de technische keuring. Een ontwerp dus, geen definitieve wetgeving. Genoeg echter om GOCA de alarmbel te doen luiden. Want definitieve goedkeuring zou raken aan "overgevoelige" federale en regionale bevoegdheden. En wat die voorgestelde afschaffing van de tweedehandskeuring bij verkoop aangaat; het zal volgens GOCA – en niet alleen deze federatie – zowel verkeersveiligheid, milieu- als consumentenbescherming negatief beïnvloeden. Want, zo wordt volkomen terecht opgemerkt, de verplichte tweedehandskeuring vormt een essentiële waarborg voor consumentenbescherming, verkeersveiligheid, milieu en – niet onbelangrijk in ons vakdomein – het vertrouwen in de tweedehandsmarkt.
Vandaag wordt een kwart van de 'voor verkoop' gekeurde tweedehandswagens afgekeurd. Hetgeen bewijst dat zonder deze (voorlopig nog) verplichte technische controle talloze wagens met technische zwakheden ongehinderd op de markt zullen komen. Gevolg? Meer onvoorziene kosten en risico's voor de koper, een explosie van juridische onenigheden en erosie van vertrouwen in de tweedehandsmarkt. Met nadelige impact op verkeersveiligheid en milieu bovendien. Want de technische keuring detecteert mankementen met een directe veiligheidsimpact, controleert de effectiviteit van de emissietechnologie en stelt ook vast of er nog openstaande terugroepacties dienen te worden uitgevoerd. Niet onbelangrijk, dit laatste. Zeker nu blijkt dat alsmaar meer occasies worden afgekeurd omdat door de constructeur (vaak om veiligheidsredenen) voorgestelde updates nooit werden geïmplementeerd.
Het afschaffen van de tweedehandskeuring door de Vlaamse regering creëert juridische tegenstrijdigheid binnen de Belgische landsgrenzen. Technische voertuigkeuring is dan wel een gewestelijke bevoegdheid, maar als Vlaanderen een verplichting tenietdoet terwijl Wallonië en Brussel ze handhaven, is het hek compleet van de dam. Want een Vlaming kan zijn tweedehandswagen dan aanbieden zonder bewijs van recente technische keuring, terwijl een Waalse verkoper wel nog een keuringsbewijs moet voorleggen. Hoelang zal het dan duren vooraleer malafide sjoemelaars – om technische controle te vermijden – Vlaanderen zullen "misbruiken"? Of een Waalse klant die zich in Vlaanderen een occasie aanschaft zonder recent keuringsbewijs de baan opgaat. Bewijs dat hij in Wallonië wel had gekregen.
Ook over 's landsgrenzen heen zorgt de Vlaamse afschaffing van de tweedehandskeuring voor kwesties. Want occasies worden vaak verkocht en gekocht over de grenzen heen. Weet zeker dat zonder een recent keuringsbewijs een niet-Belgische koper een stuk voorzichtiger zal worden om een voertuig uit Vlaanderen te importeren. Of hoe de afgeschafte Vlaamse tweedehandskeuring daarmee haaks komt te staan op het Europese streven naar gelijke bescherming en wederzijds vertrouwen tussen de lidstaten.
Het supprimeren van de verplichte tweedehandskeuring botst met een wettelijk erkende beschermingslogica, die de koper van een occasiewagen als de "meest kwetsbare" partij beschouwt. Deontologie die zich baseert op evidente informatie-asymmetrie. De professionele verkoper weet meestal meer over de wagen dan de koper. Voor die laatste is het ook niet altijd mogelijk om nog voor de aankoop het voertuig aan een grondige technische inspectie te onderwerpen. De verplichte tweedehandskeuring geeft die koper vandaag een basisgarantie op een occasie die wel aan de technische normen voldoet. Garantie die met het wegvallen van die verplichte keuring vervalt.
De argumentatie voor het afschaffen van de verplichte tweedehandskeuring in Vlaanderen lijkt – zoals we dat vaker zien bij schadelijke ideaal-politiek – weinig overtuigend. Dat de afschaffing van de verkoopkeuring elders in Europa niet verplicht zou zijn, is een vals argument. Iets niet doen omdat anderen het ook niet zouden doen, mag nooit een geldige justificatie zijn om de liquidatie van een bewezen beschermingsmethodiek te bevelen. Overigens is in een aantal buurlanden bij doorverkoop wel een recent keuringsbewijs nodig. Of moet er een keuringsverslag van maximum een half jaar oud kunnen worden voorgelegd bij verkoop van een auto ouder dan vier jaar. Of zien we een regelgeving die te vergelijken valt met noodzakelijke technische controle bij doorverkoop van een occasiewagen.



