Studie: 4 op 5 Europeanen staan open voor elektrische auto
Positieve houding groeit, maar prijs blijft grootste drempel
Een nieuwe studie van de Europese Commissie toont aan dat de houding tegenover elektrische voertuigen in Europa duidelijk evolueert in positieve zin. Toch blijft de stap naar effectieve aankoop voor veel consumenten afhankelijk van praktische en financiële factoren. De analyse is gebaseerd op de Consumer Monitor 2025 van het European Alternative Fuels Observatory (EAFO), een grootschalige bevraging bij meer dan 3.000 bestuurders in de EU-27.
Grote middenzone van twijfelende consumenten
Uit de studie blijkt dat ongeveer vier op vijf Europese bestuurders een positieve of neutrale houding hebben tegenover elektrische wagens.
Dat betekent echter niet dat de markt al volledig overtuigd is. Integendeel, een grote groep bevindt zich in een “twijfelende middenzone”: niet tegen, maar ook nog niet overtuigd dat een elektrische auto past binnen hun dagelijkse gebruik.
De mate van vertrouwdheid speelt daarbij een belangrijke rol. In landen waar elektrische voertuigen vaker voorkomen, zoals Nederland of Duitsland, ligt de acceptatie hoger. In andere regio’s blijft de technologie abstracter en dus minder concreet in het aankoopproces.
Prijs blijft doorslaggevende factor
Ondanks de positieve perceptie blijft de aankoopprijs de belangrijkste drempel voor consumenten. Dat wordt in de studie duidelijk bevestigd als het grootste obstakel voor verdere doorbraak.
Daarnaast spelen ook rijbereik en laadinfrastructuur nog een rol, al neemt de bezorgdheid rond publieke laadpunten af door de snelle uitbreiding van het netwerk in Europa.
Opvallend is dat consumenten verwachten dat elektrische wagens in dezelfde prijsklasse vallen als voertuigen met verbrandingsmotor. De mediane bereidheid om te betalen ligt rond € 19.000 voor beide aandrijftypes, wat wijst op een duidelijke verwachting van prijspariteit.

Praktische haalbaarheid bepaalt aankoopintentie
De studie toont aan dat de effectieve overstap vooral afhangt van de vraag of een elektrische auto praktisch haalbaar is in het dagelijkse leven. Factoren zoals toegang tot thuisladen en parkeermogelijkheden spelen daarbij een cruciale rol.
Bestuurders met een eigen woning en private parkeerplaats stappen significant vaker over op elektrisch rijden. Wie afhankelijk is van straatparkeren, ervaart daarentegen meer drempels.
Daarnaast blijkt dat elektrische mobiliteit vandaag nog sterk geconcentreerd is bij hogere inkomensgroepen en hoger opgeleiden, wat wijst op een ongelijk verdeeld adoptiepatroon.
Verwachtingen blijven hoog
Consumenten stellen bovendien hoge eisen aan elektrische voertuigen. Zo verwacht een meerderheid een rijbereik van minstens 400 tot 600 km, terwijl een kwart zelfs meer dan 600 km wenst.
Die verwachtingen liggen vaak hoger dan wat betaalbare modellen momenteel bieden, wat bijdraagt aan uitgestelde aankoopbeslissingen.
Tegelijk erkennen bestuurders wel duidelijk de voordelen van elektrische voertuigen, zoals lagere gebruikskosten, betere rijervaring en een positieve impact op het klimaat.

Beleidsimpact hangt af van communicatie
Hoewel financiële stimuli als belangrijk worden beschouwd, blijkt de kennis hierover beperkt. Slechts een minderheid van de consumenten is goed op de hoogte van bestaande subsidies of fiscale voordelen.
Dat wijst op een belangrijke uitdaging voor beleidsmakers: niet alleen maatregelen nemen, maar ze ook duidelijk communiceren naar de eindgebruiker.
Elektrificatie zet door, maar niet lineair
De studie bevestigt dat de elektrificatie van het wagenpark in Europa verder evolueert, maar niet volgens een rechte lijn. De interesse groeit, maar wordt afgeremd door praktische bezorgdheden, prijsverwachtingen en gebruiksrealiteit.
Voor de automotivesector betekent dit dat de grootste opportuniteit ligt bij de brede groep twijfelende consumenten. Niet overtuiging, maar praktische haalbaarheid en betaalbaarheid zullen bepalen hoe snel de transitie effectief doorzet.
